AAGU
Anarchistische Anti-deportatie Groep Utrecht


Posterplakkers gedagvaard voor smaad: een politieke keuze
Woensdag 13 september om 9 uur gerechtshof Den Haag: hoger beroep rond poster tegen bouwbedrijf De Vries en Verburg

Veroordeelde activiste: “Blijkbaar mag je niet spreken over deportaties en gevangenissen. Je mag een bedrijf dat de opsluiting en deportatie van gezinnen met kinderen faciliteert niet op zijn verantwoordelijkheid wijzen, lijkt het.”

Op 5 december werden twee activisten veroordeeld wegens smaadschrift door de politierechter in Den Haag.
De rechtszaak ging over een poster die gebruikt werd in de campagne tegen de bouw van de gezinsgevangenis voor vluchtelingen op Kamp Zeist. Op de poster stond: “De Vries en Verburg – Uw duurzame partner in deportaties – Bouwt vol trots de gezinsgevangenis voor vluchtelingen op Kamp Zeist”.

Het hoger beroep dat a.s. woensdag dient, vindt plaats zonder een van de twee gedaagden die in eerste aanleg alleen tot een boete werd veroordeeld. Het Hof heeft de appelschriftuur, die vanwege het verlofstelsel nodig was, in zijn zaak zoekgemaakt en de zaak niet in behandeling genomen. Degene die wel voorkomt, is behalve tot een boete ook tot een gevangenisstraf van een week voorwaardelijk veroordeeld vanwege de inhoud van haar laatste woord.

Dat deze twee activisten zijn veroordeeld wegens smaad is een ernstige aantasting van het recht op vrijheid van meningsuiting, maar erger nog: de waarheid mag niet gesproken worden en bedrijven niet bekritiseerd als het aan de politierechter, die dit vonnis uitsprak, ligt. Met als gevolg dat het plakken van posters als misdrijf wordt vervolgd.

Intussen toont de praktijk van alledag het gelijk aan van de tekst op de poster, en dus van de veroordeelde activisten. Gezinnen worden 's morgens om zes uur van hun bed gelicht in een van de gezinslocaties, afgevoerd naar de gezinsgevangenis op Kamp Zeist en daar opgesloten om vervolgens gedeporteerd te worden. Een voorbeeld daarvan is het gezin Zarifi. Zij maken deel uit van de Hazara minderheid in Afghanistan en hebben daar voor hun leven te vrezen. De moeder heeft een hartkwaal en psychische klachten en de kinderen kennen het land niet. Toch werden de ouders en hun drie kinderen elk afzonderlijk op het vliegtuig gezet, aan handen en voeten geboeid. Om de medicijnen van de moeder heeft de Dienst Terugkeer en Vertrek zich niet bekommerd en na een week opvang in Kabul zijn ze daar op straat gezet. De Nederlandse staat kijkt niet meer naar hen om. En bouwbedrijf De Vries en Verburg is er trots op als de Nederlandse staat met het resultaat van hun bouwwerk tevreden is.

Het verhaal van de familie Zarifi is er slechts een van vele. Mag men niet spreken van opsluiting in een gevangenis en van deportatie? Mag men bouwbedrijf De Vries en Verburg uit Stolwijk dat met de bouw van de gezinsgevangenis dit alles mogelijk maakt en daar geld mee verdient, daar niet op aanspreken? Als dat zo is, dan is dat niets anders dan het willen wegmoffelen van de waarheid van de gruwelen van het Nederlandse en Europese migratiebeleid waar bedrijven van meeprofiteren. Het is een poging om critici monddood te maken.

Het aanwijzen van verantwoordelijken die geld verdienen aan de ellende van vluchtelingen is noodzakelijk en bij uitstek gerechtvaardigd. De gedagvaarde activiste en haar advocaat Willem Jebbink zullen dit tijdens de zitting van aanstaande woensdag opnieuw duidelijk maken.